• Date 15.01.2016
  • Branch Petrochemie
  • Location Botlek

Rotterdamse haven gaat echt niet dicht

De Rotterdamse industriële haven is al langer bezig om te verduurzamen. Het is een geleidelijke transitie. Volgens Deltalinqs, de belangenbehartiger van het Rotterdamse bedrijfsleven, betekent het klimaatakkoord van Parijs daarom zeker niet dat de haven kleiner wordt of verdwijnt. En opslag van CO2 moet weer vol op de agenda.

Eigenlijk is de uitkomst van het klimaatakkoord in Parijs goed voor de Rotterdams haven stelt Bas Janssen, directeur van Deltalinqs in de komende editie van Petrochem. ‘Als het om duurzaamheid gaat, dan bevindt Rotterdam zich al in kopgroep van havens. Dus dat er nu een akkoord ligt dat door alle landen wordt ondertekend, is  goed voor ons. Zeker als daardoor een gelijk mondiaal speelveld ontstaat.’

Druk zetten

Toch betrekt het gezicht van Janssen als de vele reacties daags na de ondertekening ter sprake komen. Vooral de schoten voor de boeg van partijen als Urgenda en Greenpeace, kunnen hem irriteren. ‘Er wordt al gauw gesuggereerd dat het op korte termijn afgelopen is met fossiele brandstoffen en dat de haven van Rotterdam dan wel dicht kan. We krijgen er serieus ook vragen over. Volstrekt onrealistisch natuurlijk. De Rotterdamse haven gaat echt niet dicht. We zijn in de Rotterdamse haven al langer bezig met een geleidelijke transitie naar een duurzamere haven. Dat gebeurt via twee wegen. Ten eerste de verduurzaming van de bestaande industrie. En ten tweede zijn we op zoek naar nieuwe, duurzame investeringen, die de transitie versnellen. Daar is wel geduld voor nodig. Een tanker verandert niet snel van koers, die moet je geleidelijk bijsturen. Bovendien draagt Rotterdam al een aardig steentje bij aan het Nederlandse Energie-akkoord. Laten we eerst alles er aan doen om de doelstellingen van dat akkoord te halen, voordat we weer met nieuwe doelstellingen komen. En ja, we blijven druk zetten op de grote bedrijven om te veranderen, om de transitie mogelijk te maken.’

CCS

Janssen denkt dat Parijs een prima momentum biedt om opslag van CO2 (CCS) weer serieus op te pakken. Publicitair is deze technologie de laatste jaren er niet goed afgekomen met het afblazen van opslag onder een woonwijk van Barendrecht en het voorlopig stranden van het ROAD-project. ROAD staat voor Rotterdam Afvang en Opslag Demonstratieproject. Het moest een van de grootste demonstratieprojecten ter wereld worden voor de afvang en offshore-opslag van CO2. Vanaf 2015 moest ROAD circa 1,1 miljoen ton CO2 per jaar gaan afvangen van een nieuwe kolencentrale van E.on en Engie –voorheen GdF SUEZ- op de Maasvlakte en opslaan in uitgeproduceerde gasreservoirs onder de Noordzee. Maar vooralsnog is het er niet van gekomen. Janssen: ‘Het nadeel was dat de CO2-prijs te laag bleef, waardoor het project niet rendabel was.’ E.on en GdF dreigen inmiddels met forse schadeclaims als alle steenkoolcentrales op last van politiek Den Haag dicht moeten. De twee hebben net voor ruim 3 miljard euro geïnvesteerd in de spiksplinternieuwe kolencentrale op de Maasvlakte. De bedrijven lijken zelf ook CCS weer uit de kast te halen. Ze gebruiken Parijs als extra argument in de landelijke media om de gewenste en volgens hen nodige subsidie los te krijgen. Janssen ziet dat ook graag gebeuren: ‘Het kost de samenleving veel meer geld als de overheid dwingt de kolencentrale te sluiten en de energiebedrijven vervolgens moeten uitkopen. Waarom pakken we het gewoon niet op waar we gebleven waren? CO2 afvangen en opslaan in lege gasvelden onder de Noordzee. Een mooie kans nu.’

BRON: woensdag 6 januari 2016, Wim Raaijen. www.utilities.nl.